home ترجمت داخل العربية Translate into English Voeg deze site toe
aan je favorieten!

Ziekte


HEER, straf mij niet in uw woede,
tuchtig mij niet in uw toorn.
Heb erbarmen, HEER, want ik kwijn weg.
Genees mij, HEER, ik ben doodsbang,
ik vrees voor mijn leven.
Hoe lang, HEER, moet ik nog wachten?

Keer terug, HEER, spaar toch mijn leven,
toon mij uw trouw en red mij.
Want doden noemen uw naam niet meer!
Wie in het dodenrijk kan u nog loven?

Moe ben ik van zuchten,
elke nacht is mijn kussen nat,
mijn bed doorweekt van tranen.
Mijn ogen zijn gezwollen van verdriet,
roodomrand van alles wat mij benauwt.

Weg van mij, allen die kwaad doen!
De HEER hoort hoe luid ik ween,
de HEER hoort mijn roep om erbarmen,
de HEER neemt mijn smeekbede aan.
Beschaamd en doodsbang keren mijn vijanden om,
in een oogwenk met schande bedekt.

Uit de Zabur: Psalm 6 (Davud)


Er was in de synagoge ook een man die bezeten was door een onreine geest, en hij schreeuwde: "Wat hebben wij met jou te maken, Jezus van Nazaret? Ben je gekomen om ons te vernietigen? Ik weet wel wie je bent, de heilige van God."

Jezus sprak hem streng toe en zei: "Zwijg en ga uit hem weg!" De onreine geest deed de man stuiptrekken en verliet hem met een luide schreeuw.

Iedereen was zo verbijsterd dat ze tegen elkaar zeiden: "Wat is dit allemaal? Een nieuwe leer met groot gezag! Zelfs als hij onreine geesten een bevel geeft, wordt hij gehoorzaamd." Het nieuws over Jezus verspreidde zich algauw overal in Galilea.

Toen ze uit de synagoge kwamen, gingen ze rechtstreeks naar het huis van Simon en Andreas, samen met Jakobus en Johannes. Simons schoonmoeder lag met koorts in bed, en ze spraken met Jezus over haar. Hij ging naar haar toe, pakte haar hand vast en hielp haar overeind. Toen verliet de koorts haar, en ze begon voor hen te zorgen.

´s Avonds laat, toen de zon al was ondergegaan, brachten de mensen alle zieken en bezetenen naar hem toe; alle inwoners van de stad hadden zich bij de deur van het huis verzameld. Hij genas vele zieken van allerlei kwalen en hij dreef veel demonen uit, maar stond ze niet toe om iets te zeggen, want ze wisten wie hij was.

Uit de Injil: Marcus, sura 1 ayat 23 - 34


Onderwijs over
Thema's